Boekenwurmen

De jeugd leest niet meer zoals wij, dertigers en alles daarboven, opgevoed zijn. Mijn eigen kinderen raken na 4 zinnen al compleet in de war, beginnen dan al te klagen dat het ‘zo veel’ is en haken het liefste af, op zoek naar Playstation of andere moderne afleiding. Terwijl ik ze er altijd op wees dat lezen zo ontzettend leuk is. Dat komt natuurlijk door mijn achtergrond. Lezen werd mij met de paplepel ingegoten. Mijn vader las boeken, mijn moeder las boeken en mijn broer en zus lazen boeken. En de wekelijkse gang naar de Bibliotheek was net zo normaal als de gang naar de kerk, al was die laatste gang vaak verplicht door het gezag.

Het gezag bestond toen nog uit ouders, ooms en tantes, opa’s en oma’s, buren, leerkrachten, voetbaltrainers en bibliothecaresse ’s.

Naar de bibliotheek gaan voelde nooit aan als een verplichting. Het was altijd fijn toeven in ‘de Bieb’. Ik kon daar rustig een uurtje rondhangen, speurneuzend tussen (jeugd) boeken zoals ‘Pinkeltje’, ‘De Vijf’, ‘Bob Evers’, ‘Frank Distel’, ‘Arendsoog’,  ‘de Scheepsjongens van Bontekoe’ en uiteraard de helden Sietse en Hielke Klinkhamer van ‘De Kameleon’.  Ik deed dat het liefst op de vrijdagavond want dan had je wat te lezen in het weekend. Met de gelezen boeken onder de arm liep ik dan naar het gebouwtje naast mijn school alwaar ik, na het inleveren van de boeken, mij kon laven aan de grote voorraad boeken in de enorme boekenkasten. En als ik mazzel had dan waren de leukste meisjes van mijn klas er ook en was er even tijd om een beetje te chillen met elkaar, zonder eventuele concurrentie van andere jongens.

Dat ik daardoor te laat thuis kwam en op mijn flikker kreeg nam ik maar op de koop toe.

Ze hadden in die Bibliotheek ook stripboeken. Die konden mij ook bekoren. Thuis had ik wel een paar eigen stripboeken maar die waren op twee handen te tellen. We hadden het goed in die tijd maar niet breed dus stripboeken werden sporadisch aangeschaft.

En van gele hesjes hadden we nog nooit gehoord.

Die strips las ik rustig telkens weer opnieuw, het liefst tijdens het ontbijt en nog in pyjama outfit. Ooit vond ik op ‘de Nollekes’, de vuilnisbelt van Terschelling, twee flinke stapels ‘Donald Duck’s’. Waarschijnlijk daar neergegooid door iemand die wel een abonnement kon betalen want ze lagen keurig op nummer gestapeld. Even later zaten ze tussen de snelbinder van mijn fiets en vloog ik naar huis om mijn gevonden schat daar te laten zien. En om zo snel mogelijk de eerste exemplaren te verslinden natuurlijk.

Het voelde aan alsof ik even Sjakie van de Chocoladefabriek was, die net de Gouden Toegangskaart te pakken had!

Dat zijn dingen die je bijblijven. Net zoals sommige boeken, zoals Oorlogswinter van Jan Terlouw of de boeken van Roald Dahl. Elke avond lag ik in bed te lezen, eerst legaal en later op de avond, als de tijd ‘bedtijd’ overschreden was, nog steeds. En ook hier nam ik de straf die daarop volgde voor lief. Want door te lezen was je even in andere werelden en ja, stoppen was haast onmogelijk want het einde van het hoofdstuk gaf vaak al aan dat het nóg spannender zou worden…

De cliffhanger! Toen al!

Wetenswaardigheden haalden we ook uit de boeken. Voor mijn 11e  verjaardag kreeg ik ‘Ons Jeugd Boek’, een boek vol met korte verhalen, knutseltjes, raadselplaatjes, gedichtjes en puzzels. Oh ja, en Indianen- en Cowboyverhalen! Die raadseltjes zijn nog steeds hip want zodra je ergens solliciteert kan je er een fles wijn op zetten dat je, alvorens echt in gesprek gaat, eerst even wat testjes op de computer moet afwerken.

Dat noemen ze ook wel je ‘cognitieve vaardigheden’.

Maar ik verslond ook de boeken van ‘Hoe en Waarom’, boeken die specifiek iets vertelden over bijvoorbeeld elektriciteit, vissen of belangrijke uitvindingen. Toen ik 16 werd kreeg ik nog meer kennis te verwerken middels het boek ‘Lannoo’s Jeugd Encyclopedie’. Leuk feitje is dat dit boek nu ingedeeld is in de categorie 0-12 jaar….

Een mooi bewijs dat de jeugd van tegenwoordig een stuk bijdehanter is dan wij op die leeftijd.

Ach ja. Het is ook wel logisch dat de jeugd niet meer leest. Want van alle boeken zijn inmiddels wel films gemaakt en soms zijn de films er misschien wel eerder dan het boek… Wij hadden vroeger ook wel films maar dat was hoogstens één keer per week dat er een film te zien was in de plaatselijke bioscoop. ‘Bud Spencer en Terence Hill’, ‘Porky’s Pretpark’…

Nou ja, dat niveau dus.

Tegenwoordig kun je 24/7 films kijken. In de bioscoop, thuis op de televisie of via Tablet of GSM. Elk uur van de dag, week in week uit. Logisch dat je dan niet meer tijd hebt om te lezen. Maar jammer is het wel. Want door alles maar te visualiseren raakt de fantasie op een zijspoor. De hoofdpersoon uit een boek krijg je op een presenteerblaadje, daar hoef je niet meer over na te denken. Je hoeft nergens meer over na te denken, wat je ziet is wat je krijgt.

Daar kan geen schrijver tegenop schrijven.

En zijn er toch dingen die je graag wilt uitdiepen dan is het internet er. Alles, maar dan ook alles is terug te vinden op het internet. Ik vind dat hartstikke mooi hoor, ik geniet er met volle teugen van en zou, als ik heel eerlijk ben, niet meer zonder kunnen. Maar het gevoel hè, het is zo anders….

De bibliotheek is er nog wel maar ook deze zal zich moeten overgeven aan het nieuwe tijdperk, aan veranderingen. Zoals alles is ook dit fenomeen aan verandering onderhevig. Gezinsleden lopen niet meer met boeken door het huis maar met tablet of GSM. Ervaringen zoals hierboven beschreven zullen langzaamaan verdwijnen uit onze herinneringen.

Dat is geen drama, dat hoort bij ons nieuwe geluk want het is mooi dat het allemaal maar kan. Maar soms bekruipt mij het gevoel, dan wordt ik er een beetje verdrietig van omdat ik er ooit wel heel veel geluk in vond. Van de week hoorde ik een mooie spreuk voorbij komen, in een filmpje van een paar ouwe TV persoonlijkheden en die spreuk mag je hieronder, mist je het niet allang opgegeven hebt, lezen!

‘Op zoek naar het geluk raken wij steeds verder verwijdert van de tevredenheid.’

 

Auteur: Arjen Veldhuizen

Schrijverijtjes van Muis: Hallo, ik ben Arjen Veldhuizen en mijn roots liggen op Terschelling waar ik in 1964 ter wereld kwam (eigenlijk in het St. Jozef ziekenhuis te Harlingen maar mijn ouders woonden op het eiland). Ik ben getrouwd met Janet en wij hebben samen(gesteld) 4 zonen, Youri, Bas, Sven en Sil. Op de Lagere school kwam ik er al achter dat ik iets met schrijven had, als puber kwam het al meer tot uiting en eigenlijk tot op de dag van vandaag heb ik ‘schrijfdrang’. Op deze website staan schrijverijtjes, Muizenstaartjes zoals ik ze noem, over zaken die mij bezighouden en die ik in de afgelopen 7 jaar aan Facebook toevertrouwd had en teksten die ik schrijf voor Hoemannendenken.nl en OldambtNu.nl. Ik schrijf soms luchtig, soms wat inhoudelijker en laat mij graag inspireren door mijn omgeving. Hieronder staan al mijn teksten die ik vanaf begin 2011 geschreven heb, dus hoe meer je naar beneden scrolt hoe langer geleden. Veel leesplezier!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.