Enkele weken geleden zijn er, ondanks mijn bezwaren, ramen in onze overkapping geplaatst door Super Tinus, de Man met de Twee Rechterhanden. Dit was op verzoek van de dame hier in huis en niet van mij. Mijn bezwaren golden nog niet eens over het plaatsen van die ramen. Dat vond ik prima. Maar het ging mij wel om het tijdstip. Want wij hadden namelijk gasten in de tuin, om precies te zijn twee Roodborstjes. Ik maakte daarom ook niet bezwaar namens mijzelf, maar juist voor dit stelletje, dit prille geluk welke elkaar dit voorjaar gevonden hadden en na enkele innige verstrengelingen gezinsuitbreiding kregen. Hun onderkomen hadden ze gefabriceerd onder een van de balken van de overkapping.
Dat was een flinke klus.
En er was concurrentie van een stel pimpelmezen. Die bouwden daar ook een nest waardoor er volop leven was in onze tuin. Dat ramen plaatsen kwam wat mij betreft dan ook verkeerd uit, puur omdat ik dit mooie proces van het dierenrijk niet wilde verstoren. Ik besloot daarom die bezwaren wereldkundig te maken, maar stuitte helaas op verzet van de dame hier in huis. Vervolgens ben ik gaan demonstreren, niet zoals ze tegenwoordig demonstreren maar op een vreedzame manier.
Zo debiel ben ik nu ook weer niet.
Alleen hielp het niet. Om mijn zin door te drijven ben ik toen ook niet mensen gaan bedreigen of vuurwerk naar de politie gaan gooien. Want zoals ik al zei, ik ben geen debiel. Niets van dat alles, ik heb gewoon mijn verlies geaccepteerd en heb zelfs Super Tinus meegeholpen met het plaatsen van de ramen. Of beter gezegd, hem een handje geholpen door planken vast te houden, schroeven aan te geven en hem voorzien van koffie of thee.
En hem vooral zo min mogelijk in de weg lopen!
Niet dat hij mij dan verbaal op mijn donder geeft, hoor, het bleef een veilige werkomgeving. Integendeel, Tinus is de goedheid zelve en hij prijst mij altijd de hemel in wanneer ik iets zeg dat daadwerkelijk functioneel is voor de klus. En ook als ik iets niets functioneels zegt, prijst hij mij nog steeds de hemel in.
Naast onze bouwwerkzaamheden bouwden de Roodborstjes gestaag door aan hun nest.
Ze trokken zich weinig van ons aan. Daarentegen hielden de Koolmezen het wel voor gezien, die waren op een gegeven moment verdwenen en lieten een leeg nest achter. Even was ik bang dat wij dan last zouden krijgen van het zogenaamde Empty Nest Syndrom, maar doordat de Roodborstjes door bleven bouwen konden wij het loslaten. Nadat de ramen geplaatst waren en de kozijnen geverfd, keerde de rust weer enigszins terug onder de overkapping. En waarachtig, enkele dagen later ontdekten we vier jonge roodborstjes in het nestje en wisten we dat de gezinsuitbreiding een feit was.
We werden opa en oma!
Vader en moeder Roodborst vlogen nu af en aan met voedsel. Dat ging in etappes: eerst namen ze plaats op de rand van de schutting om vervolgens alle kanten van de omgeving te spotten op eventuele gevaren. Daarna vlogen ze naar een van de draagbalken van de overkapping, sprongen ze op de waslijn die daarachter hangt om vervolgens vanaf daar het nest aan te vliegen waar oerlelijke piepkleine wijd opengesperde gele snaveltjes op hen lagen te wachten. De jonkies in het nest lieten het zich goed smaken en piepten erop los wanneer ze in de gaten hadden dat er weer voedsel aangeleverd werd.
Dit tafereel leek zich onuitputtelijk te herhalen.
En dan komt ineens ‘De Dag Die Je Wist Dat Zou Komen’, toevallig net na Koningsdag. Ze gingen uitvliegen. De vlieglessen begonnen afgelopen dinsdag en dat ging met horten en stoten. Wij hadden nu ineens piepkleine vogeltjes op de grond in de tuin, onder de overkapping op een van de luchtende wandelschoenen van de dame hier in huis, in de aardbeienplant of op de randen van de borders.
Of in de kier tussen het schuurtje en de schutting!
Dat uilskuiken kon ik weer terug de tuin in sturen met behulp van een bamboestok. Daarna heb ik er een plank voorgezet en op mijn manier vastgezet met ducttape. Er moest immers snel gehandeld worden en ik wist dat ik er nu alles aan moest doen om het jonge kroost te beschermen tegen gevaren, gevaren die van alle kanten op de loer liggen. Pa en Moe Roodborst bleven gewoon doorgaan met voeren, voornamelijk kleine wormpjes want daar zitten veel eiwitten in en ja, elke sportschool gebruiker weet dat je daar groot en sterk van wordt.
Vanuit mijn schrijfkamertje had ik mooi overzicht op de tuinen.
En ik had het raam opengezet. Want dan kon ik eerder reageren bij gevaar. Ik was erachter gekomen dat wanneer de ouders onraad roken, zij fel tekeer gingen. Dan kwam er een hard, tikkend geluid uit hun snavels waarmee ze hun kroost waarschuwden én de veroorzakers van het gevaar:
In ons geval waren dat enkele buurtkatten.
Ik voelde mij medeverantwoordelijk en schafte daarom een waterpistool aan, of eigenlijk meer een geweer, een Hydro Volt X-1000 Automatic 0.7 ML injectie. Na deze opgeladen te hebben en gevuld met water, stond ik paraat om de jonge ouders bij te staan waar nodig. De rooie buurtkat was mijn eerste slachtoffer. Deze kater kwam in beeld toen een van de kuikens in de tuin naast ons terecht was gekomen en waarin hij een makkelijk slachtoffer zag. Pa en Ma Roodborst riepen hun snaveltjes schor en vlogen op de kat af om hem af te leiden.
Het had zo een scene kunnen zijn uit Peter en de Wolf!
Ik nam nu de rol van Peter over en spoot vanuit mijn raam richting de kater die er snel vandoor ging. Even later probeerde hij het weer maar toen hij mij in het open raam zag, koos hij direct het hazenpad. De rust keerde terug tot ik weer veel kabaal hoorde. Nu uit de andere aangrenzende tuin en ja hoor, daar zat de Olle Grieze, een kat van een van de achterburen, in starthouding om een kuiken op te vreten.
Hij kreeg de volle straal.
Inmiddels zijn alle vier de kuikens uitgevlogen, maar in plaats van rust in de tuin zagen we gisteren toch weer wat bijzonders. Moeke Roodborst vloog weer rond met blaadjes en takjes, wederom onder de overkapping. Na onderzoek zagen we dat zij op het plankje met accessoires, zoals een oude nootmuskaatmolen en enkele oude theekopjes, achter die kopjes een nieuw nest aan het bouwen is.
We worden wéér opa en oma!
