Sneue sukkeltjes

‘Als een ballon, een ballon, een ballonnetje, Een ballonnetje, dat danst in de wind Aan een draadje naar de zon, Gaat zo’n lekker dikke, rooie, mooie luchtballon Een ballon, een ballon, een ballonnetje, Een ballonnetje, dat danst in de wind Aan een draadje naar de zon, Gaat zo’n lekker dikke mooie Lekker dikke rooie, B’lon, b’lon, b’lon’

Voorgaande tekst komt uit het liedje ‘Als een ballonnetje’ van cabaretier, zanger, kunstschilder en dichter Toon Hermans. Toon leefde grotendeels in een tijd dat ballonnetjes nog gezien werden als onderdeeltjes van onschuldige vrolijkheid en verdriet. Vrolijkheid omdat ballonnen (kinder)feestjes opleukten en verdriet omdat ze vaak werden opgelaten bij crematies of begrafenissen, als symbool voor het loslaten van het leven…

‘Maar wat geweest is, is geweest…’ zong Boudewijn de Groot ooit.

Want de ballonnen zijn de onschuld voorbij lijkt het wel. De magie is weg, ten onder gegaan aan de moderne tijd. Ballonnen komen steeds vaker negatief in het nieuws vanwege de vervuiling van Moeder Aarde. Zo leuk ze hierboven door Toon beschreven zijn, dansend in de wind, zo veel schade brengen ze nadat ze klappen en op de grond vallen.

Want ze komen terecht in de voedselketen van het dierenrijk, met alle gevolgen van dien…

Gelukkig weten we dat en zie je steeds vaker dat er eerst goed nagedacht gaat worden alvorens men overgaat tot het oplaten van die ballonnen. En je ziet steeds vaker dat gemeenten, al dan niet na een burgerinitiatief, aangeven ballon-vrij te willen zijn. Over het algemeen gaat dat zonder slag of stoot want het kroost lijkt zich al steeds vroeger bewust te worden van de gevolgen van vervuiling.

Je zou dan kunnen zeggen: jong geleerd, oud gedaan.

Maar niets is minder waar, de ballon heeft namelijk een nieuwe functie gekregen en dan met name onder het uitgaanspubliek. Was het voorheen nog alcohol of drugs die men nodig had, nu zoeken ze het (ook) in lachgas want we willen meer, omdat we niet meer tevreden zijn met wat we al hebben…

Dat is toch om te brullen!

Toen ik jong was had ik maar een paar biertjes nodig om een leuke avond te hebben. En ik rookte, shag. Geblowd werd er toen wel maar daar had ik niets mee, vond het stinken en had er totaal geen behoefte aan. De kick kreeg ik door bijvoorbeeld gewoon gezellig mee te zingen in de kroeg op nummers van de enige échte André Hazes en ik sloot de avond af met een vette hap in de snackbar waar je alweer wat ontnuchterde door de felle TL-lampen. Of we gingen na sluitingstijd van de kroeg of disco nog even mee met leeftijdgenoten van het ‘vaste land’ die hun vakantie vierden op ons eiland, gezellige jongens en meiden waarmee we een band hadden gekregen.

Dit waren prachtige avonden en nachten waar ik nog regelmatig met zeer warme gevoelens aan terugdenk.

Meer hadden we niet nodig. In de loop der jaren kwamen er steeds meer ‘genotsmiddelen’ bij en zagen we de opkomst van chemische zooi, verpakt in vrolijk gekleurde pilletjes. Alcohol, wiet en sigaretten waren niet genoeg om een leuke avond te hebben, dacht men. Daarbij moet nog wel even gezegd worden dat voorgaande ‘genotsmiddelen’ ook slecht zijn voor de gezondheid en absoluut niet thuishoren in het menselijk lichaam.

‘Stom hè….’ik vind ’t gewoon lekker!’ zou Petje Pitamientje gezegd hebben.

Ik ook hoor. Alcohol en shag waren voor mij onlosmakelijk verbonden met een avondje stappen. Alleen dat blowen vond ik maar niks, dat gelurk aan zo’n grauwe peuk. En soms werd dat ding ook nog doorgegeven en moest je wel andermans lichaamssappen proeven, gadverdamme!

Er zou maar eentje tussen zitten met een koortslip!

Maar ieder zijn ding, ieder zijn behoefte, ieder zijn meug. Alleen hebben ze nu weer wat nieuws, namelijk het inhaleren van lachgas. Dat klinkt onschuldig maar we weten inmiddels beter. Het kan leiden tot zuurstoftekort, bevriezing van de longen, gesprongen trommelvliezen, neurologische aandoeningen en hersenschade.

Maar van dat laatste hebben ze kennelijk al last want je bent toch wel echt een super sneue sukkel als je op straat aan zo’n ballon gaat zitten lurken!

Dan zet je jezelf toch wel echt te kijk. Dat kinderen met ballonnen spelen snap ik, maar dat je als puber of als volgroeide puber met een ballon loopt, mag je jezelf toch wel even serieus afvragen of je alles wel op een rijtje hebt.

Man, man, wat zet je jezelf voor lul!

En natuurlijk hoor ik, 50 plusser, af te geven op deze bezigheden. Toen ik jong was keken die 50 plussers van toen ook meewarig naar de jeugd. Alleen met dat verschil dat onze ouders geen ‘Curling’- ouders waren.

Curling-ouders?

Ja, deze term kwam ik van de week tegen in een artikel en ik vond hem briljant! Ze bedoelen ermee dat er ouders zijn die continu het levenspad van hun kroost aan het schoonvegen zijn waardoor de kinderen niet meer kunnen omgaan met tegenslag en teleurstellingen. Sterker nog, ze noemen het pamperen van je kind zelfs kindermishandeling! Steeds vaker maken we ons daar schuldig aan omdat we liever het conflict met het kind vermijden dan het conflict in de ogen kijken: ‘Naar je kamer! Nu!’ En kinderen voelen dat en buiten het uit, voelen zich prins- en prinsesheerlijk als ze hun opvoeders weer hebben gedist.

Stelletje loeders!

Maar ik snap het wel van die ouders want de kinderen van tegenwoordig zijn een stuk bijdehanter dan in vroegere jaren. Zodra je ze met een argument om de oren slaat om ze ergens op terecht te wijzen, krijg je tientallen argumenten retour, snel even gegoogeld natuurlijk. Je moet echt van goede huize komen om nog steeds door je kinderen als leider te worden gezien.

Dus niet als lijder.

Als Papa tegen zijn kleine meid zegt, ik citeer uit nog maar even een klassieker:

‘Ben je bang voor ’t hondje, Hondje bijt niet, Papa zegt dat ie niet bijt’

Dan kijkt die kleine meid Papa sceptisch aan omdat ze allang weet om welk ras en soort het gaat. Eentje die niet bijt.

“En nu wil ik naar de Mac!”

Auteur: Arjen Veldhuizen

Schrijverijtjes van Muis: Hallo, ik ben Arjen Veldhuizen en mijn roots liggen op Terschelling waar ik in 1964 ter wereld kwam (eigenlijk in het St. Jozef ziekenhuis te Harlingen maar mijn ouders woonden op het eiland). Ik ben getrouwd met Janet en wij hebben samen(gesteld) 4 zonen, Youri, Bas, Sven en Sil. Op de Lagere school kwam ik er al achter dat ik iets met schrijven had, als puber kwam het al meer tot uiting en eigenlijk tot op de dag van vandaag heb ik ‘schrijfdrang’. Op deze website staan schrijverijtjes, Muizenstaartjes zoals ik ze noem, over zaken die mij bezighouden en die ik in de afgelopen 7 jaar aan Facebook toevertrouwd had en teksten die ik schrijf voor Hoemannendenken.nl en OldambtNu.nl. Ik schrijf soms luchtig, soms wat inhoudelijker en laat mij graag inspireren door mijn omgeving. Hieronder staan al mijn teksten die ik vanaf begin 2011 geschreven heb, dus hoe meer je naar beneden scrolt hoe langer geleden. Veel leesplezier!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.